ERPNext

ERPNext

Open in ChatGPT
Ask ChatGPT about this page
Open in Claude
Ask Claude about this page

Aan de slag

Aan de slag

ERPNext Europa wordt geleverd met verstandige standaardwaarden — de
meeste EU-landen zijn voorgeconfigureerd, veelgebruikte goederencodes
zijn gemapt, en de ICP/Intrastat-berekening draait op bestaande
Verkoopfactuur- en Inkoopfactuur-data. U hoeft de app alleen op uw
realiteit te richten.

Stap 1 — Vul de EU-lidstaten-lijst

Open na installatie EU Intracommunity Settings in de zoekbalk. Klik
op Setup Default EU Member States. Dit vult een onderliggende
tabel met alle 27 EU-landen, hun 2-letterige ISO-codes, en de
Intrastat-drempels die de Europese Commissie voor elk publiceert.

U kunt afzonderlijke regels achteraf bewerken — zet de drempel voor
uw eigen land op nul als u Intrastat elke transactie wilt laten
opnemen, of verhoog hem als u alleen om betekenisvol volume geeft.

Stap 2 — Configureer de ICP-triggers

Nog steeds in EU Intracommunity Settings, zoek het veld ICP Tax
Categories
. Dit is een komma-gescheiden lijst van BTW-categorie-
namen die een intracommunautaire levering aanduiden. Standaardwaarde:
EU-B2B.

Heeft u extra BTW-categorieën opgezet voor specifieke EU-scenarios
(bv. EU-B2B-Reduced voor laagtarief intracommunautaire diensten),
voeg ze hier toe. Elke Verkoopfactuurregel waarvan de Klant een van
deze categorieën draagt, stroomt naar de volgende ICP-aangifte.

Stap 3 — Stel Intrastat-standaarden in

Drie verdere velden op EU Intracommunity Settings:

  • Default Transport Code — 1 (Zee), 2 (Spoor), 3 (Weg), 4 (Lucht),
    5 (Post), 7 (Pijpleiding), 8 (Binnenvaart), 9 (Zelfaangedreven).
    De meeste bedrijven gebruiken 3 (Weg) — dit wordt de fallback als
    de Verzendregel er geen specificeert.
  • Default Region Code — de NUTS-regiocode waar uw magazijn zich
    bevindt. Voor Utrecht: NL310. Gebruikt als fallback als het
    Magazijn er geen specificeert.
  • Default Dispatches / Arrivals Threshold — de EUR-drempel waaronder
    Intrastat-rapportage optioneel is. Standaardwaarden komen overeen met
    de gepubliceerde waarden van de Europese Commissie.

Stap 4 — Tag uw artikelen met goederencodes

Open elk Artikel dat de grens overgaat en vul in:

  • Customs Tariff Number — de CN8-code (8 cijfers). De app valideert
    het formaat bij opslaan en weigert ongeldige codes. Vind codes op
    taxation.ec.europa.eu.
  • Intrastat Supplementary Unit — als uw CN8-code een aanvullende
    meeteenheid vereist (kg, liter, paren, enz.), vul die in. De
    Intrastat-rapportage heeft zowel de waarde als de hoeveelheid nodig.

Voor artikelen die terecht geen goederencode hebben (diensten), vink
Skip Commodity Code Validation aan zodat ze Intrastat-generatie
niet blokkeren.

Stap 5 — Configureer Magazijnen met NUTS-codes

Voor Intrastat-verzendingen moet het rapport weten uit welke NUTS-regio
de goederen vertrokken zijn. Open elk Magazijn dat internationaal
verzendt en zet Intrastat Region Code op de NUTS-code (bv. NL310
Utrecht, NL326 Groot-Amsterdam).

De Magazijn-niveau-code overschrijft de standaard van EU Intracommunity
Settings.

U bent klaar

De eerste ICP-aangifte en het eerste Intrastat-rapport zitten nu één
klik verderop — zie ICP-aangifte en
Intrastat-rapportage.

Last updated 3 months ago
Was this helpful?
Thanks!